Een schoon etiket in plaats van schoon eten? E-nummers zijn (on)gezond. Daar is toch (n)iets mee? Smakelijk!

E-nummers vind je terug op het etiket van voorverpakte producten. Het zijn door de Europese Unie goedgekeurde hulpstoffen. Sommige zijn omstreden, met andere is niets mis. Kant-en-klare sauzen bijvoorbeeld kunnen enkel bewaren door er hulpstoffen aan toe te voegen. Als je noch liefhebber bent van E-nummers of rare ingrediënten met een moeilijke naam in je saus dan zit er maar 1 ding op. Maak ze zelf, met ingrediënten die je wel kent.

Het begrip additief dekt beter de lading voor wat wij onder E-nummers verstaan. Pas als het toegevoegd wordt krijgt een stof een nummer. Er bestaan drie vormen: natuurlijke E-nummers (stoffen die ook in de natuur voorkomen zoals caroteen en citroenzuur), natuur-identieke (stoffen die er precies zo uitzien als natuurlijke, maar in het laboratorium zijn nagemaakt zoals sorbine- en melkzuur) en synthetische (stoffen die in het lab zijn gemaakt en in de natuur niet voorkomen, zoals de zoetstof aspartaam).

De EU heeft alle toevoegingen een E-nummer gegeven, of ze nu uit het lab komen of van natuurlijke oorsprong zijn. Van nature bevat elke tomaat, ook de biologische, minstens 13 E-nummers. Op een tomaat hoeft niet te staan dat hij E620 bevat, omdat dat er van nature in zit. Stopt een fabrikant E620 (een smaakversterker) in zijn soep, dan moet hij dat op het etiket zetten. Het is wel precies dezelfde stof. Andere E-nummers in de natuur:

  • E948 zuurstof
  • E182 zorgt dat bietjes rood zijn
  • E150a karamel
  • E908 natuurlijk waslaagje op rijstkorrels dat wordt gebruikt voor bijvoorbeeld kauwgom
  • E620 glutamine (zit van nature in spieren)

Etiketten en producten worden zoveel mogelijk E-nummervrij gemaakt. Deze trend heet ‘clean labelling’: stoffen voluit noemen in plaats van hun (korte) E-nummer, alternatieven gebruiken voor E-nummers en steeds meer natuurlijke stoffen gebruiken.

Fabrikanten zoeken vervangers voor E-nummers, liefst natuurlijk van aard. Kunstmatige kleurstoffen in snoepjes werden de voorbije jaren vervangen door kleurende plantenextracten uit bijvoorbeeld spinazie en zwarte bes.

‘Zonder kunstmatige kleurstoffen’ betekent niet dat er vroeger wél kunstmatige kleurstoffen in het product zaten of dat alternatieve producten ze wel bevatten.

Geen E-nummers meer eten is onmogelijk. Producten zonder E-nummers zijn niet altijd gezonder dan met. Hoe meer E-nummers een product bevat, hoe groter de kans dat er minder nuttige voedingsstoffen in zitten. Niets is beter dan vers en onbewerkt voedsel. Dat bevat E-nummers. Maar ze hóren erin.